Mijn Ooa - Inloggen
  1. Wachtwoord vergeten?

Columns van vice-voorzitter Ton de Korte

Inhoud


Will a robot take your job?

 
We zijn in de ban van een nieuwe golf van digitalisering, automatisering en robotisering. De vierde industriële revolutie gaat een einde maken aan de wereld zoals we die kenden.
De detailhandel stort in elkaar. Nieuwe kaalslag in de winkelstraten, na het al eerdere vertrek van reiswinkels en platenzaken.  Banken digitaliseren en laten computers het werk van mensen overnemen. Te laat, de banken worden binnenkort toch ingehaald door nieuwe financiële diensten van Apple, Google en Facebook. Trouwens: mijn kinderen van in de twintig hebben sowieso nog nooit een bank van binnen gezien. Platforms als Uber en AirBNB zetten de traditionele businessmodellen voor vervoer en hotels op hun kop. Hoe gaan de restaurants de vloedgolf van thuisbezorgdiensten overleven? En 3D-printers gaan een groot deel van het werk in de maakindustrie overnemen.
 
 
Innovatie en vooruitgang gaan gepaard met creatieve destructie. Dat kent winnaars en verliezers. We kunnen aardig inschatten wie de verliezers gaan worden, na de stoker op de trein en de meteropnemer zijn nu de C&A-medewerker en de bankklerk aan de beurt. Volgens een recent onderzoek van Deloitte volgen nu al 300.000 studenten in Nederland een opleiding voor werk dat door robots en computers gaat worden overgenomen. Robots zijn nooit ziek, werken 24/7 en hoeven niet te mantelzorgen. Maar ze betalen ook geen belasting. Wie de winnaars gaan worden is nog niet duidelijk, maar in ieder geval de nieuwe miljardairs achter Uber, AirBNB, Facebook etc..
Binnenkort komt de SER met een advies over, nee een verkenning naar, de gevolgen van automatisering en robotisering. Ik ben benieuwd.
 
Wil je weten wat het voor ons vak gaat betekenen? Kijk op http://www.bbc.com/news/technology-34066941. Oxford University heeft voor zo’n 400 beroepen uitgezocht wat de effecten van robotisering en automatisering gaan worden.
 
Ton de Korte

 


Start ups

Het laatste nummer van M&C was gewijd aan start ups, nieuwe bedrijfjes in de consultancy en aan adviseurs die start ups begeleiden. Dat lijkt me booming business. Volgens de Kamer van Koophandel zijn er in Nederland zo’n 100.000 adviesbureaus ingeschreven. Vorig jaar kwamen er zo’n 15.000 adviesbureaus bij. Allemaal start ups. 

Vorige week opende de media met de onthulling van de ‘Panama Papers’. Een van de personen die zijn vermogen verstopt in belastingparadijzen is de Oekraïense president Porosjenko. Porosjenko wast echter zijn handen in onschuld, naar zijn zeggen heeft hij het beheer over zijn vermogen in handen gegeven van ‘consultants’. 

Bij het opruimen van mijn boekenkast kwam ik het proefschrift van Hans de Sonnaville tegen: ‘Retorische aspecten van professionaliseren. Een zoektocht naar beroepsvorming bij organisatieadviseurs’. De Sonnaville zette in zijn dissertatie vraagtekens bij de homogeniteit van het beroep van organisatieadviseur.

De Ooa voert opnieuw een discussie over de grenzen van de professie. Een terecht gesprek, op het goede moment. De Ooa is harder nodig dan ooit.


Na het subsidiefeest: de kater

2282 projectdossiers over adviesprojecten die met ESF-subsidie zijn uitgevoerd moet de minister van SZW openbaar maken naar aanleiding van een uitspraak van de Raad van State in een WOB-procedure (Uitspraak 201410651/1/A3). Het betreft adviesopdrachten over duurzame inzetbaarheid die in 2012 ESF-4 subsidie hebben ontvangen.


Al eerder heb ik me op deze plaats (nieuwsbrief OoA april 2014) uitgesproken over de perverse paradox bij deze subsidieregelingen. Ik citeer mezelf: ‘Wil het ministerie (in dit geval SZW) toezien op een goede besteding van de middelen, dan is uitgebreide controle en verantwoording noodzakelijk. Hier gaat zo’n 25 – 30 % van de ontvangen subsidies  in zitten. Het wordt een feestje voor de accountants.

Kiest het ministerie voor een ‘simpele en laagdrempelige regeling’, zoals in 2011/2012 met de voucherregeling voor extern advies inzake sociale innovatie en duurzame inzetbaarheid, dan kan iedereen met een BTW nummer die drie referenties weet te verzamelen zich adviseur noemen, opdrachtgevers zoeken en met subsidie aan de slag (aan de haal) gaan. De verleiding om met vouchers van € 18.000,- op zak zoveel mogelijk klanten te zoeken is ook wel erg groot (ca. 4500 toegewezen projecten). Er is me wat aangerommeld’.

Het werd dus een feestje voor de adviseurs, en niet voor de accountants. Onbekende adviseurs en onbetekenende adviesbureaus haalden ieder voor zich tientallen projecten binnen. Maar helaas. Iemand heeft twijfels gekregen over de juiste besteding van deze overheidsgelden en via de WOB de projectdossiers opgevraagd. Na twee jaar procederen heeft hij van de Raad van State nagenoeg volledig gelijk gekregen. 

De minister van SZW heeft de betrokken adviseurs en adviesbureaus gevraagd de benodigde projectdossiers aan te leveren. Deze moeten wel ontdaan worden van privacy gevoelige informatie en klantgevoelige informatie. Dat is heel veel werk. Helaas zijn adviseurs soms niet meer werkzaam en moet de informatie door het adviesbureau bij klanten worden opgehaald. Die zijn ‘not-amused’ en bang dat bedrijfsinformatie op straat komt te liggen. Leg het je klant maar eens uit.

Het volgende subsidiefeestje is al weer in de maak. In het kader van dezelfde subsidieregeling is voor 2016 € 34 miljoen toegewezen aan 3400 projecten. 

Ik vermoed dat de koek dit keer niet alleen moet worden verdeeld tussen de accountants en (vaak niet gekwalificeerde) adviseurs, maar ook met advocaten.


De complimentengolf 

19 november 2015

16 tot 20 november is de week van de werkstress, een initiatief van het Ministerie van SZW. Het maakt onderdeel  uit van het meerjarenprogramma werkstress waar mijn organisatie (het CAOP) campagnepartner van is.

De keerzijde van werkstress is werkplezier, en het is natuurlijk veel leuker om werkplezier onder de aandacht te brengen dan werkstress. Plezier in het werk is een van de belangrijkste hulpbronnen om stress op het werk te voorkomen. Een andere belangrijke hulpbron is de steun van collega’s of van je leidinggevende. Dit belang neemt toe naarmate taakeisen en werkdruk hoger worden. Aandacht, complimenten en waardering spelen eveneens een belangrijke rol in het voorkomen van werkstress. Mijn collega’s hebben dat goed begrepen en hebben in het kader van de week van de werkstress juist het accent op werkplezier gelegd. Dat heeft geleid tot een aantal ‘complimentenkaarten’ die je aan collega’s of aan anderen kan sturen.

Aandacht voor werkstress en werkplezier moet natuurlijk niet beperkt blijven tot een week in het jaar, maar het is een mooi moment om er weer eens extra bij stil te staan. We hopen zo een complimentengolf op gang te brengen. Complimenten geven is trouwens zeker net zo leuk als complimenten ontvangen. Nu werken veel leden van de Ooa als zelfstandige, of wellicht in een organisatie die niet zo complimenteus is, en missen daarom de belangrijke hulpbron van collega’s of leidinggevende. Daarom maak ik van deze blog graag gebruik om alle leden van de Ooa een compliment te maken. En, je mag het gerust doorgeven!

Download de complimentenkaart


Feestje!!!

september 2015

Ik ben nu ruim 20 jaar lid van de Ooa, waarvan de eerste 15 jaar slapend. Slapend: dat wil zeggen dat ik jaarlijks trouw mijn contributie betaalde maar verder eigenlijk nergens aan meedeed. Ik deed al genoeg aan mijn vak, vond ik. Met uitzondering van de Ernst Heijmanslezing, daar kwam ik graag. Eigenlijk zijn slapende leden een zegen voor een vereniging, ze betalen wel maar kosten niets. Het zijn meer donateurs.

Vijf jaar geleden werd ik wakker als lid. Dat kwam door het jubileumfeest, de Ooa bestond 70 jaar, op de SS Rotterdam. Weet je nog? Een schitterend feest dat met honderden leden werd gevierd. Ik was verkocht. Wat een leuke club mensen, wat een rijkdom aan vakgenoten! En zo’n feest, vond ik achteraf, was eigenlijk wel de beste manier om mijn jaarlijkse afdracht aan de vereniging aan te besteden. Het is wel fijn om eens in de vijf jaar als donateur gevierd te worden.

Volgende week gaan we op herhaling. 22 september is er weer een schitterende partij: we vieren ons 75 jarig jubileum op grootse wijze. Dat kost de vereniging een paar centen, maar er staat dan ook een dijk van een programma. Ik kijk ernaar uit om weer vele vakgenoten te ontmoeten.

Er zit wel een risico aan zo’n feest. Vijf jaar geleden werd ik wakker, als slapend lid. Ontwaakt door de dynamiek en energie die leefde binnen de vereniging. Nog geen jaar later zat ik in het bestuur van de Ooa. Jou kan hetzelfde overkomen, je bent gewaarschuwd.

Ton de Korte
vicevoorzitter


Je bent zo goed als je laatste opdracht

mei 2015

Eind maart heeft een team van vrijwilligers zijn tanden gezet in de opdracht die door de OoA in het kader van Serious Ambtenaar/Serious Request was verstrekt. De opdracht was: ‘Welke trends of ontwikkelingen zijn de komende 3-5 jaar van belang als context of referentiekader voor het vak en het werk van organisatieprofessionals?’.

Het team kwam met een fraaie rijtje trends. Hierover zullen we op een andere plaats meer vertellen.

En passant hadden deze vrijwillige adviseurs zich ook in de taken en activiteiten van de Orde verdiept. Dit leidde tot waardevolle suggesties, die de vraagstelling ver te buiten gingen. Zo gaat dat met adviseurs.

Er zaten geen leden van de OoA in het team, maar het waren wel mensen die als (organisatie)professional te kenmerken zijn. Zij keken met respect naar het werk dat de OoA doet op het gebied van professionalisering en ook met respect naar de adviseurs die door hun lidmaatschap aangeven hun vak serieus te nemen. Er was waardering voor het certificeren van adviseurs – het CMC-schap- maar volgens deze relatieve buitenstaanders is dit niet genoeg.

Als adviseurs mee willen gaan met hun tijd en relevante trends en ontwikkelingen serieus willen nemen; als OoA-leden of CMC-adviseurs zich echt willen onderscheiden van andere ‘adviseurs’, dan moet dat publiekelijk en transparant gebeuren. Dat betekent het publiceren van klantbeoordelingen en klantwaarderingen op internet.  Een openbare ‘rating’, waarbij de kwaliteit van het werk van een adviseur door zijn klanten wordt vastgesteld.

Uiteindelijk telt alleen het oordeel van de consument, van de klant. En ben je als adviseur net zo goed als je laatste opdracht.

Ton de Korte
vicevoorzitter


Nederland kantelt

maart 2015

Volgens hoogleraar Jan Rotmans (duurzame transities, EUR) leven we in een verandering van tijdperk. ‘Een zeldzame periode waarin de samenleving en de economie ingrijpend en onomkeerbaar veranderen’ (FD, 22/11/2014). Rotmans noemt in dit artikel een aantal kantelingen: van een centralistische, top-down aangestuurde maatschappij naar een decentrale bottom-up samenleving; het vervangen van bureaucratische waarden als efficiency, rendement, kosten en baten door nieuwe waarden als kwaliteit, vertrouwen, vrijheid en ruimte, en de ontwikkeling naar een mondiale economie die echter wel gebaseerd is op kleinschaligheid en wordt gedreven door disruptieve technologische doorbraken.

Voorwaar een spannend vooruitzicht! Zeker voor organisatieprofessionals, of zij zich nu met beleid, organisatie-inrichting of het functioneren van (groepen) mensen bezighouden. Een belangrijke taak voor organisatieprofessionals is immers het ‘duiden van de toekomst’ en organisaties en mensen te prepareren voor toekomstige uitdagingen.

Wat gaan deze ‘kantelingen’ voor onze beroepsuitoefening betekenen? De Ooa heeft in het verleden toekomstgerichte jaarthema’s gekozen, onder andere: duurzaamheid, maatschappelijk verantwoord ondernemen, Sociale Innovatie. Welke thema’s moeten wij de komende jaren agenderen? Welke (maatschappelijke) trends en ontwikkelingen hebben straks grote invloed op onze vakuitoefening?

De OoA gaat op zoek naar de toekomst en doet dat langs drie sporen.  De OoA heeft een opdracht uitgezet aan een groep adviseurs die in het kader van Serious Ambtenaar met deze vraag aan de slag gaan. De eerste resultaten worden vrijdag 27 maart gepresenteerd (als je daar bij wilt zijn, neem even contact op met het secretariaat van de Ooa). 

De uitkomsten van deze opdracht willen we in een enquete onder de leden van de OoA uitzetten. Tot slot willen we dezelfde vraag voorleggen aan de Wetenschappelijke Raad van de OoA.

U hoort van ons!

Ton de Korte
Vice voorzitter Ooa


Glazen huis en Serious Consultancy

Januari 2015

Woensdag voor Kerstmis mocht ik als ambassadeur van Serious Ambtenaar mee naar het Glazen Huis van Serious Request. Dat stond dit jaar in Haarlem. Ik was nog nooit bij het Glazen Huis geweest en keek mijn ogen uit. In het Glazen Huis zaten drie brievenbussen. Voor elke brievenbus stonden honderden mensen, onder wie heel veel kinderen, in de rij om munten en biljetten in de gleuven te stoppen. Het riep bij mij het beeld op van omgekeerde pinautomaten. Tussen deze drie rijen was plaats voor groepjes mensen die speciale acties hadden opgezet en grotere cheques kwamen aanbieden. Die hadden een tijdslot toegewezen gekregen en mochten rekenen op media aandacht.

Wij kwamen de cheque van Serious Ambtenaar brengen, ruim € 750.000,-! De actie was een groot succes geworden, de opbrengst had alle verwachtingen overtroffen. Het geld is gestort, nu moet het werk nog gedaan worden. Er zijn 151 opdrachten binnengehaald die in maart worden uitgevoerd, er hebben zich al 1000 vrijwilligers aangemeld en zo'n 100 procesbegeleiders. Maar er zijn er nog meer nodig! Daarom een laatste oproep aan de leden van de Ooa: je kan je nog aanmelden als vrijwilliger of, als je echt een professionele bijdrage wil leveren en een leerzame ervaring wil opdoen, als procesbegeleider om een team te begeleiden.

De Ooa heeft zelf ook een donatie gedaan aan Serious Request en een opdracht verstrekt. Vrijwilligers gaan aan de slag om voor de Ooa uit te zoeken welke trends of maatschappelijke ontwikkelingen de komende 3-5 jaar voor ons werk en voor ons vak van belang zijn. Daar horen jullie straks meer over.


Fairtrade

November 2014

Ik woon in Gouda. Gouda is een fairtradegemeente. Een gemeente mag zichzelf fairtrade gemeente noemen als een behoorlijk aantal winkels een bepaald aanbod aan fairtrade producten in de schappen heeft liggen en restaurants fairtrade producten op de kaart heeft staan. De fairtrade commissie gaat jaarlijks in winkels en restaurants tellen hoeveel fairtrade producten er te vinden zijn.

Zo ook bij de supermarkt van Albert Heijn. Twee leden van de commissie gaan in de supermarkt tellen hoeveel van de ca 40.000 producten een fairtrade keurmerk hebben. Na een dag tellen kan de stand worden opgemaakt. En dat gebeurt in vele supermarkten in vele gemeenten. Niet meer van deze tijd, dacht ik. Een paar drukken op de knop bij het hoofdkantoor in Zaandam en er komt een prachtige lijst per winkel uit, ook van de franchisenemers. Inclusief de toename of afname van de afgelopen jaren van fairtrade artikelen, de spreiding over Nederland, de omzet per artikel, de prijsontwikkeling en wat je nog meer wilt weten.

Een suggestie in die richting werd door de fairtradecommissie verontwaardigd als onzin afgedaan. Wat moesten de enthousiaste leden van de fairetradecommissie (allen vrijwilligers) dan nog doen? En de jaarlijks terugkerende leuke gesprekken met de supermarktmanager en overige personeelsleden in de vestiging van Albert Heijn? En wat kwam er dan terecht van de leuke contacten met de bezoekers van de supermarkt als ze aan het tellen waren? En het was toch leuk om te zien wat ze uberhaupt allemaal in de winkel hadden? Ik had er niets van begrepen. Ik mocht dan wel organisatieadviseur zijn, en expert op het gebied van slimmer werken, maar de weg naar een betere wereld wordt bepaald door andere principes en procedures. So be it.

Ton de Korte
Vicevoorzitter Ooa


Serious Consultancy

Juni 2014

Serious Request 2014 is van start gegaan. Sinds 2004 sluiten in de week voor Kerst een aantal radiomakers zich op in een glazen huis – zonder te eten- en draaien plaatjes voor geld ten behoeve van een goed doel. Zo is het althans begonnen. De actie is sinds 2004 flink gegroeid, vorig jaar werd er ruim € 12 miljoen opgehaald en werden er in het hele land talloze acties gehouden om geld op te halen.

Het goede doel voor 2014 zijn de slachtoffers van seksueel geweld in oorlogsgebieden, vooral vrouwen en kinderen dus.

Voor het vierde jaar vormt ‘Serious Ambtenaar’ een onderdeel van de Serious Request actie. (Overheids)organisaties kunnen een donatie van minimaal € 5000,- aan Serious Request doen en een adviesvraag of -opdracht formuleren. Ambtenaren kunnen zich aanmelden om –gratis-  een adviesopdracht uit te voeren. Serious Ambtenaar zorgt voor de matching tussen de adviesvragen en teams van vrijwilligers die zich hebben aangemeld. De vrijwillige inspanning bedraagt circa twee adviesdagen per persoon. Serious Ambtenaar leverde in 2013 zo’n € 370.000 op voor Serious Request.

Als Ooa zijn we er normaal gesproken geen voorstander van als ‘amateurs’ aan de slag gaan met adviesvragen of –opdrachten. Maar in dit geval en voor dit doel maak ik graag een uitzondering.

Sterker nog: ik ondersteun de actie van harte en roep jullie op om je bij Serious Ambtenaar te melden als teamleider, ambassadeur of begeleider van een adviesteam. Vanuit onze professie kunnen we kwaliteit toevoegen aan deze inzet van vrijwilligers en mede bijdragen aan dit goede doel.

Nog mooier: wijs je huidige opdrachtgevers of relaties op de actie van Serious Ambtenaar, help ze een opdracht of vraag te formuleren en biedt aan een team van vrijwilligers, die straks de opdracht gaat uitvoeren, te coachen. Voor niets, Serious Consultancy dus.

Meer informatie: www.seriousambtenaar.nl; www.seriousrequest.3fm.nl

Ton de Korte 
vice voorzitter


Het subsidiefeest

April 2014

Een belangrijke bron van opdrachten voor adviseurs zijn subsidieregelingen vanuit diverse ministeries. Zo zijn op dit moment de sectorplannen van minister Asscher ‘hot’. Hij heeft € 600 miljoen beschikbaar gesteld voor sectorplannen die zich richten op o.a. bevordering van de werkgelegenheid, mobiliteit, van werk-naar-werk-trajecten, duurzame inzetbaarheid etc. etc. De sectororganisaties zelf moeten ook € 600 miljoen op tafel leggen. Samen € 1,2 miljard, waarvan een aanzienlijk deel besteed zal worden aan adviseurs die plannen voorbereiden en uitvoeren, en natuurlijk aan de accountants die moeten zorgen voor controle en verantwoording.

Een eerder subsidiefeestje vormden de ESF-E subsidieregelingen voor sociale innovatie en duurzame inzetbaarheid in de periode 2009 -2013. Daar ging een slordige € 200 miljoen in om.

Hierbij doet zich een akelige paradox voor.

Wil het ministerie (in dit geval SZW) toezien op een goede besteding van de middelen, dan is uitgebreide controle en verantwoording noodzakelijk. Hier gaat zo’n 25 – 30 % van de ontvangen subsidies in zitten. Het wordt een feestje voor de accountants.

Kiest het ministerie voor een ‘simpele en laagdrempelige regeling’, zoals in 2011/2012 met de voucherregeling voor extern advies inzake sociale innovatie en duurzame inzetbaarheid, dan kan iedereen met een BTW nummer die drie referenties weet te verzamelen zich adviseur noemen, opdrachtgevers zoeken en met subsidie aan de slag (aan de haal) gaan. De verleiding om met vouchers van € 18.000,- op zak zoveel mogelijk klanten te zoeken is ook wel erg groot (ca. 4500 toegewezen projecten). Er is me wat aangerommeld.

Een pleidooi om in deze projecten alleen met gekwalificeerde adviseurs in zee te gaan (bv. CMC, lid van de OoA, of werkzaam bij de ROA) heeft het niet gehaald onder verwijzing naar mededingingsvraagstukken.

De volgende subsidiefeestjes zijn al weer in de maak. De koek moet weer verdeeld worden tussen de accountants of het niet te controleren werk van vaak niet gekwalificeerde adviseurs.

Als de keuze weer valt op een soort voucherregeling, ook voor niet gekwalificeerde adviseurs, zouden leden van de OoA of ROA het gebruik van deze regelingen onder luid protest moeten boycotten. Pas dan worden we serieus genomen.

Ton de Korte


Lulkoekbingo

Februari 2014

December vorig jaar vond het Groot Dictee der Nederlandse Taal weer plaats. De tekst, opgesteld door Kees van Kooten, werd bestempeld als een ‘sadistisch taalexperiment’.

Ik wist niet dat onze taal zo rijk was. Prachtige woorden als ‘anastrofe’, ‘postale verbiage’, ‘zeugmata’, ‘polysyndeton’,  ‘anakoloet’  en ‘Babels imbroglio’ kon ik aan mijn woordenschat toevoegen. Uitdrukkingen als ‘thesaurus’, ‘bêtises’, ‘megafonetisch neologisme’ en ‘przewalskipaardenmiddel’ behoorden reeds tot mijn Nederlandse repertoire.

Taal is een belangrijk wapen voor adviseurs. Maar taal is eveneens een grote valkuil. Overdreven adviseursjargon lag in de jaren ‘90 van de vorige eeuw ten grondslag aan de befaamde lulkoekbingo.

Overmatig gebruik van termen als ‘bottom line’, ‘benchmark’, ‘klantgericht’, ‘synergie’, ‘toegevoegde waarde’ en ‘best practice’ maakte presenterende adviseurs tot de risee van het lulkoekbingo spelende gehoor. Briljante analyses en conclusies gingen genadeloos ‘down the drain’ als de adviseur teveel jargon gebruikte en tijdens zijn of haar presentatie verrast werd door een ‘LULKOEK!’ roepende luisteraar. Ook de regelmatige introductie door adviseurs van nieuwe toverwoorden als ‘duurzaamheid’, ‘innovatie’, ‘social media’ en ‘big data’ vonden snel hun weg naar nieuwe versies van de lulkoekbingo. Het steeds beter getrainde publiek en de wijde verspreiding van de lulkoekbingofomulieren maakten publieke optredens van adviseurs tot een hachelijke onderneming.

Ik raad adviseurs dan ook van harte aan om elk jaar wat leuke woorden uit het Groot Dictee der Nederlandse Taal aan hun woordenschat toe te voegen. Het voorkomt dat je beschuldigd wordt van een overmatig gebruik van Engelse termen en bewijst dat je in staat bent je luisteraars in correct Nederlands toe te spreken. En het geeft een grotere kans de strijd met de geoefende lulkoekbingospelers te winnen.

(NB: de originele lulkoekbingo is bij het secretariaat van de Ooa op te vragen).

Ton de Korte


Speculaas en toegevoegde waarde

December 2013

Zaterdag heb ik een paar stevige pakken speculaas gekocht. Om uit te delen aan mijn collega’s, tijdens het eerste afdelingsoverleg bij mijn nieuwe baan. Persoonlijk heb ik meer met stroopwafels - ik kom uit Gouda en stam uit een geslacht van stroopwafelbakkers - maar in deze tijd van het jaar is speculaas beter op z’n plaats.

Als zoon van een bakker ken ik het productieproces: grondstoffen mengen, het deeg in een vormmachine, bakken op bakplaten of in een staalbandoven, cellofaanverpakking en dan in omdozen, op transport, via de groothandel naar de winkelier of direct naar het grootwinkelbedrijf.

De speculaas - uitstekende kwaliteit overigens - kostte € 1.- voor een pak van 400 gram. Daar zitten de kosten van de bakker in, de transporteur, de winkelier. Daar zit 21% BTW in en alle partijen moeten er nog wat aan verdienen. Hoe krijgen ze het voor elkaar voor die prijs?

Ik deelde de speculaas uit aan mijn nieuwe collega’s en vroeg naar hun uurtarieven. Die zijn gemakkelijk om te rekenen in pakken en kilo’s speculaas. Een uurtarief van € 150,- staat voor 150 pakken speculaas van 400 gram, dat is zo’n 60 kilo. Dat levert ook nog werk op en er verdienen mensen aan. Het is genoeg om een flinke school, een verzorgingstehuis, een sportvereniging of een buurthuis een leuke Sinterklaas te kunnen bezorgen. Maar wij zijn als adviseurs beter in gratis adviezen om uiting aan onze maatschappelijke verantwoordelijkheid te geven.

Het leidde tot een leuk gesprek met de nieuwe collega’s over de kwaliteit van speculaas en de toegevoegde waarde van onze adviezen.

Ton de Korte


Appreciative inquiry

Maart 2013

Onlangs had ik enkele zeer leuke ervaringen bij de NS. Ik had een late trein naar huis, rond 24.00 uur, en een meisje wist de conducteur ertoe over te halen om ‘lang zal ze leven’ te laten spelen over de intercom van de trein. Haar vriendin was jarig, het liedje stond op de Iphone en de hele trein zong mee. Wat een leuke manier om de start van je verjaardag te vieren en wat leuk dat de conducteur er aan mee wilde werken!

Een week later stond ik weer, ‘s avonds laat, op de trein naar huis te wachten. Er stond een ellenlange trein gereed, voor zeggen en schrijven drie passagiers. Ik maakte een praatje met de machinist en vroeg waarom er zo’n lange trein werd ingezet voor zo weinig passagiers. Daar had hij geen antwoord op, dat had met de planning of de logistiek of zoiets te maken. Iets van het Hoofdkantoor in ieder geval. Wel vroeg de machinist of ik wel eens in de cockpit had gezeten. Nou, dat had ik nog nooit meegemaakt en ik mocht naast hem komen zitten. Het was een prachtige ervaring om met 140 km per uur in het donker over de rails te razen. Hij deed ook even de lampen uit om te laten zien hoe het er in het donker uitzag. Indrukwekkend!

Gewapend met deze leuke ervaringen besloot ik via de website van de NS mijn complimenten voor deze vormen van ‘hostmanship’ te maken. Zonder overigens de namen, plaatsen of tijden te vermelden, want je weet maar nooit of de conducteur en machinist niet buiten hun boekje waren gegaan.

Tot mijn grote schrik merkte ik dat je op de website van de NS uitsluitend klachten kwijt kon, maar geen complimenten. Ook EVA, de digitale gastvrouw op de website van de NS, kon niet overweg met de zoekterm ‘complimenten’. Ik heb toen maar de vraag gesteld waarom ik geen compliment kon geven. Daar is nooit een antwoord op gekomen, maar tot mijn verrassing heeft EVA het opgepakt en op de website van de NS worden nu ook de complimenten in ontvangst genomen. Ik hoop dat ze daar binnen de NS veel plezier aan beleven. De Ooa heeft sinds deze zomer een nieuwe website. Ik zal vragen of daar ook een mogelijkheid komt om complimenten achter te laten.

Ton de Korte
Vice voorzitter Ooa

Redactionele toevoeging: Natuurlijk horen we graag van u als u een compliment of klacht heeft. Zowel complimenten als klachten kunnen worden verstuurd naar het secretariaat. Daar zorgen wij dat het compliment of de klacht op de juiste plek of bij de juiste persoon terecht komt.

Lid worden?

Er zijn minstens vijf goede redenen om lid te zijn van de Ooa:

  1. Kwaliteitskeurmerk door vakvereniging;
  2. Een omvangrijk netwerk;
  3. Blijvend leren;
  4. Een bron van informatie;
  5. Ooa-lidmaatschap biedt u direct voordeel.

Lees meer >> of ga naar het aanmeldformulier.

Aanmelden nieuwsbrief

Wilt u op de hoogte blijven van de laatste ontwikkelingen binnen de Ooa, schrijft u zich hier dan in!

 

Nieuwsbrieven >>

Professionaliseringsabonnement

Met een professionaliseringsabonnement van € 195,00 per jaar kunt u onbeperkt deelnemen aan alle onderdelen uit de professionaliseringsagenda. Dit wordt u aangeboden naast ons vaste programma, zoals bijvoorbeeld de Ernst Hijmanslezing, de nieuwjaarsbijeenkomst of de CMC-bijeenkomsten, waarvoor geen aparte bijdrage wordt gevraagd.

Lees meer >>